Pootjes – Edison
door Ruud Meijns
Zegt men de naam Pootjes denkt de oudere generatie gelijk aan Edison, ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Edison was de winkel in de Westzijde waar je terecht kon als je een speciaal lampje nodig had, een geschikte transformator zocht, een beschermer voor je kettingkast, noem maar op.
In de winkel stonden honderden laadjes waar de koopwaar in verborgen lag en waar alleen de familie Pootjes de weg in wist. De etalages stonden vol met hebbedingetjes, je kon daar lang tijd naar kijken en dan had je nog niet alles gezien; een wonderlijke winkel.
(foto Luuk Plekker – HVZ)
Schapenpad
De grondlegger was Jean Henri Pootjes, geboren in Amsterdam op 19-12-1898. In het Militieregister in het gemeentearchief van Amsterdam, staat hij te boek als leerling diamantslijper. Hoewel ik geen huwelijksdatum heb kunnen vinden, vertrekt hij In 1930 met zijn echtgenote Geertruida Timmerman, geb. 25-09-1896, en hun eerste kind naar Zaandam.
Pootjes vertelde verslaggever Jan Hottentot over zijn beginjaren, ‘Van horen zeggen wist ik dat Jan Zaal in Zaandam, op de hoek van ’t Schapenpad haring, radio, fietsen en andere spullen verkocht, wel wou stoppen. Nou kende ik veel van die branche, ik had op radio gestudeerd, ik kende een en ander van de elektriciteit. Ik denk ik ga maar eens kijken in Zaandam.
Daar stond een krot en daar zat Zaal in’. Het was zo rond 1932. Het pand was van Gerrit Heijn en toen het financieel wat moeilijk ging vroeg Pootjes om huurverlaging en dat kreeg hij ook nog.
Zijn vrouw moest wel even slikken toen ze voor het pand stond, ‘moet ik hier in?’ vroeg ze, zo vertelde hij later. De mensen bouwden zelf radio’s en Pootjes verkocht de onderdelen. Daar zal ook de naam ‘Edison’ vandaan zijn gekomen.
Op het kaartje (1909) zien we de Westzijde met de Zeemanstraat en het Schapenpad. In 1946 wordt het pand met nr. 21 gesloopt en wordt het Schapenpad opgeheven.
Brand
In 1939 krijgt de jonge ondernemer te maken met brand. Uit de krant van 20 september 1939, ‘Een der kinderen had in het keukentje achter de winkel achteloos een lucifer weggeworpen in nabij liggende emballage-artikelen. In minder dan geen tijd vatte het brandbaar goedje vlam en de onthutste knaap maakte onmiddellijk alarm door zijn geschreeuw: “Moeder er is brand!”.I
De brandweer was snel ter plaatse en met zeven stralen wist men het vuur te bestrijden aan de voor- zowel als aan de achterkant. Binnen een uur was men de brand meester maar het oude gebouwencomplex was grotendeels vernield. Het pand, eigendom van Albert Heijn B.V. was verzekerd. De inventaris van de heer Pootjes was laag verzekerd en de schade liep in de duizenden guldens. Dat het oude pand is verdwenen zal niemand berouwen meende de verslaggever.
De firma Pootjes moest op zoek naar een nieuw onderkomen. Dat vonden ze twee huizen verder op nummer 25, in de laatste jaren een onderkomen voor de firma de Goede. De verbouwing werd uitgevoerd door aannemer Houter. De voorgevel kreeg een geheel ander uiterlijk.

Het wat klassieke uiterlijk van de zaak van de Goede kreeg een modern jasje. Vooral de ingang werd anders. In plaats van een vlak front kwam er een inloopje naar de winkeldeur waardoor je ook van de zijkant de etalages kon bekijken en bij regen kon droog staan.
En zo kon op 22 maart 1940 het nieuwe pand geopend worden.
Van het gezin met vier kinderen hebben alleen de twee jongste zonen, Jan Dirk en Bernhard de winkel als werkterrein gekozen. Mevrouw Pootjes en haar twee jongens hadden de dagelijkse leiding in de zaak. De heer Pootjes deed de externe contacten. Zijn kleindochter vertelde dat als opa terug kwam van inkopen doen zij mocht helpen met de spullen naar de opslag te brengen. ‘Achter het huis was een pakhuis en dat zat bomvol en hij had op het Wijnkanspad nog een pakhuis, ook bomvol. In de Vinkendwarsstraat bezat hij ook nog een opslag met een toonkamer, zo noemde hij dat. En achter Kaasschieter had hij nog een pakhuis aan de Zaan, ook barstensvol. Dat was zijn kapitaal, want pensioenvoorzieningen had hij niet. Ook zijn zoons niet.’
Pootjes was actief betrokken bij allerlei activiteiten die met de middenstand te maken hadden, onder andere bij acties van Zamito (Zaandamse Middenstands Tentoonstelling) en de Braderie. In 1947 werd er een actie opgezet om militairen in ons Indié van kerstpakketten te voorzien. Pootjes zorgde dat er een geluidswagen door de stad reed die hier aandacht voor vroeg. Hij probeerde eind 1961 de middenstanders van de Westzijde achter een plan voor kerstbomen met verlichting te krijgen. Toen de plannen rond waren kreeg de actie geen toestemming van de gemeente vanwege de elektriciteit op de openbare weg.
In 1962 overlijdt mevrouw Pootjes-Timmerman. De kleindochter, ‘Als klein kind in de zaak was het altijd erg leuk met oma, ze woonden boven de zaak. Achter de winkel was een keukentje en met oma was het supergezellig, zij was de lolbroek in huis’.
‘
Ik wil graag de aanstichter zijn van een beetje gezelligheid’, vertelde de heer Pootjes de krant. Ík ben er teleurgesteld over dat men heeft besloten af te zien van feestverlichting’. Hij had natuurlijk genoeg lampen in huis om rond december 1975 zijn eigen winkel en de buurman de Nutsspaarbank te versieren met een feestelijke verlichting.
Het ontbreken van sociale voorzieningen doet zoon Dirk besluiten om een andere weg te kiezen en de zaak te verlaten. Daar kon de oude heer Pootjes weinig begrip voor opbrengen.

Op 10 september 1985 overlijdt de heer Pootjes op 87 jarige leeftijd. De komst van Wastora bezorgde de winkel moeilijke tijden. De tijd van de kleine zelfstandige in de elektronica leek voorbij. In 1992 stopt zoon Ben met de zaak en vertrekt met zijn Griekse vrouw naar Griekenland waar hij na een paar maanden ook komt te overlijden. (foto: 1992 uitverkoop)
Bron: Met dank aan mevrouw Kiel-Pootjes, Gemeentarchief Zaanstad. Foto’s: GAZ, Ver. Hist. Z’dam
