Nieuw
Boekbespreking
De Familie Drukker en de tragiek van Joods Alkmaar
Auteur: Jan van Baar
Abraham Drukker werd in Zaandam geboren op 13 september 1895. Zijn ouders, vader Emanuel Drukker en zijn moeder Marianne van Thijn trouwen in 1882 en vestigden zich op Westzijde 286 waar Emanuel een winkel in galanterieën dreef.
Er werd nogal verhuisd in Zaandam want na de Westzijde woonde men in Wijk B 165 en als laatste op de Zuiddijk 15 waar men meubelen en souvenirs verkocht en waar later juwelier van Zijp z’n winkel had. Verder lezen
Spoorbuurt
door Ruud Meijns
Een buurt in Zaandam-west tussen de Provincialeweg, de Botenmakersstraat, de Klokbaai en de Parkstraat. De buurt, voorzien van koninklijke straatnamen als Nassaustraat, Emmastraat, Anna Paulownastraat, Willemstraat, Oranjestraat en Mauritsstraat werd aan het einde van de 19e eeuw aangelegd. Verder behoorden de Oranjesteeg, Oranjedwarsstraat en de 2e Oranjestraat tot deze buurt.

In de jaren ’80 van de 20e eeuw kwam de buurt met regelmaat in het nieuws. De gemeente had tot sloop besloten; de bewoners kwamen in verzet tegen dit besluit. In 1990 werden de nieuwbouwplannen voor de nieuwe Spoorbuurt gepresenteerd; een flink aantal van de oude woningen was toen al gesloopt. In de nieuw gebouwde wijk zijn deze straatnamen niet overgenomen. (Bron: Zaanwiki). De nieuwe namen voor de buurt zijn van vrouwen die zich door hun engagement sterk hebben gemaakt voor de positie van de vrouw. Van elk geeft een korte biografie haar verdienste weer. Verder lezen
De Eerste auto
In de lezing die tijdens de Guurtjesdag door Paul Vreeken in de Oostzijderkerk werd gehouden, sprak hij over de veranderingen in het Zaandam van Guurtje van de Stadt eind 19e eeuw. Onder andere sprak hij over de komst van de eerste auto in Zaandam. Die was van een familielid van Guurtje, Johan Herman van de Stadt (1858-1935).

Johan Herman kocht een 2 cylinder Décauville met het rijksnummer G-4. De foto is genomen in de Zilverpadsteeg, naast zijn woonhuis Gedempte Gracht 5, in het jaar 1898.
Bron: „Engel van de Stadt, zijn voor- en nageslacht”, 1951. foto: Verzameling van C. Poel Jr, Westzaan, gem. archief nr. 21.30474
Racing Club Zaandam Jubileumboek
Ruud Meijns
Al eerder vertelden we over het 100 jarig jubileum van voetbalclub RCZ, nu is het jubileumboek over 1921 – 2021 verschenen. RCZ claimt de gezelligste club in de Zaanstreek te zijn en in het jubileumboek is daar veel van te zien. Dat maakt het boek tot een kijkboek met oneindig veel herkenning voor de leden.
De jongens uit 1921 die bij Noorderbrug voetbalden hadden nooit denken aan de omzwervingen die de club moest maken vanwege woningbouw. Na de eerste tien jaar in de Oostzijde t.o. ‘De Groene Boer’ moest er wegens bouw van de Slachthuisbuurt naar een veld dichtbij, achter de nieuwe woningen verhuisd worden. Het gras werd door een stel schapen kort gehouden. Verder lezen
‘Van den ontzettende brand, die de halve Dam verwoest’
(De kop boven dit stuk komt uit het boekje ‘Brandweerschetsen’ uit 1930 van H.L.M. van Heijnsbergen)
door Ruud Meijns
‘Het was een zwoele nacht, maandag 10 juli 1911, ongeveer 2 uur, toen een hevige ramp de gehele gemeente in opschudding bracht’. Zo begint het hoofdstuk over de grote brand van 1911 aan de Dam in Zaandam in‘Brandweerschetsen’ van H.L.M. van Heijnsbergen. Deze brand was niet alleen groot wat omvang aan panden betreft, maar ook door het overlijden van 6 personen uit het gezin Heij.
De ochtend na de brand
De Blauwe Kan
door Ruud Meijns
Soms val je van het ene onbekende in het andere onbekende. Dat was het geval toen ik een titel onder ogen kreeg en besloot dat eens uit te zoeken. Dit is wat er stond:
‘Verkoopinge van een party gebeterde en ongebeterde deense ossen van Klaas Taan den 4 mey 1752 by de blauwe kan ’s morgens te 9 uur’.
Gebeterde en ongebeterde ossen en de Blauwe Kan; twee raadsels.
Om met de laatste te beginnen. De Blauwe Kan was een pand in de Oostzijde op nr. 131 dat in 1903 is gesloopt. Daarna kwam kolenhandelaar Wilson erin. Dat kunnen velen van ons zich nog wel herinneren.
De Blauwe Kan, Oostzijde 131 Verder lezen
Guurtjesdag en Zaandam in 1871
Op 2 juni 1871 kwam de Franse schilder Claude Monet met zijn gezin naar Zaandam. Ze verbleven hier vier maanden en Monet maakte in die periode maar liefst 25 schilderijen. Monet is net op tijd om het oude Zaandam vast te leggen, toen de molens nog maalden en de schepen nog zeilden. De industriële revolutie, die in bijna heel Europa dan op gang is gekomen, verandert door de opkomst van stoommachines binnen een paar jaar voorgoed het kenmerkende molenlandschap van de Zaanstreek, zoals Monet dat heeft waargenomen. Dit jaar is dit 150 jaar geleden en daarom staat de Zaanstreek vier maanden lang in het teken van ‘Door de ogen van Monet’.

Geschiedenis van de Prins Hendrikkade
door Ruud Meijns
Er zijn plannen om de Prins Hendrikkade te vernieuwen. De betonnen kade is al een halve eeuw gezichtsbepalend voor de kade. In de jaren ’60 lagen de houtschepen bijna voor de woningen. Maar de geschiedenis is natuurlijk veel ouder.
Ooit bepaalde houthandel William Pont het aangezicht. Verder terug zat het vast aan het Oosterkattegat, er is veel te vertellen. Jan van der Male heeft een boekje geschreven over de periode 1883 – 2021.
In het boekje zijn naast allerlei naspeuringen over de geschiedenis tal van foto’s opgenomen van deze kade die al zoveel veranderingen heeft ondergaan.
Het boekje heeft 72 pagina’s, kost € 12,50 en is recent verschenen. U kunt het bestellen via: phkadehistorie@gmail.com
Door de ogen van Monet
door Ruud Meijns
Het schilderij het ‘Oosterkattegat’ is voor mijéén van de mooiste schilderijen die Monet in zijn Zaandamse periode heeft gemaakt. En de vraag die historisch geïnteresseerden dan stellen is waar hij zat toen hij dat beeld op het doek zette.

Volgens Gré Luttik, nazaat van de familie Berghouwer, de scheepswerf die aan de Bleekersstraat en de Hanenpadsloot lag, zat Monet op de werf van Berghouwer toen hij het Oosterkattegat schilderde. Verder lezen
Machinefabriek Staalwerk
door Ruud Meijns
Aan de Hogendijk lag de machinefabriek en metaalgieterij ‘Staalwerk’. Op 9 februari 1901 vraagt dhr. C.J. Westermann uit Bussum aan het gemeentebestuur een vergunning aan ‘tot het oprichten van eene fabriek voor Metaalbewerking, gedreven door een gasmotor, op het terrein aan den Hoogendijk alhier, kadastraal bekend in Sectie K, No. 2586’. De vergunning wordt voorwaardelijk verleend eind maart 1901.
Voorwaardelijk omdat er ook nog een verzoek loopt voor de Hinderwet voor het plaatsen en in werking brengen van een stoomwerktuig en Stoomketel van 30 paardenkracht bij de in aanbouw zijnde fabriek.
Op deze foto van rond 1900 zijn de gebouwen van deze fabriek, precies achter het zeil van het bootje te zien. De schoorsteen links is van het stoomgemaal de Soetenboom. (foto: Atlas Noord-Holland) Verder lezen
Voetbalclub R.C.Z. 100 jaar
Aan het eind van de Oostzijde en begin van het Kalf, stond het verenigingsgebouw Ons Aller belang.
Daar werd op 1 juli 1921 RCZ opgericht. Er werd door de jongens in de buurt vaak gevoetbald op het stuk zand, ’t Zand, tegenover de Noorderbrug. Vaak kwamen ook ouderen een balletje meetrappen. Dit terrein werd al snel bestemd voor woningbouw waaronder de Boerenjonkerstraat. Een naam voor de club was snel gevonden en omdat een kalf zwart-wit is werden dit de kleuren. Wit shirt en zwarte broek.
Krimp
door Ruud Meijns
Betekenis van Krimp kan zijn: vermindering van omvang, afname of kleiner worden; een taps toelopende ruimte. Er zijn nog anderen betekenissen mogelijk. En is het nu Het Krimp of De Krimp. Was het een bewoner die Krimp heette of Krimpenburg zoals het ook wel genoemd werd. De beste verklaring is denk ik zoals Zaanwiki het zegt: ‘De naam Krimp hangt mogelijk samen met de vernauwing van de voormalige wegsloot aldaar’.
Slop
Een slop was het doodlopende einde van een smalle steeg of gang waaraan een tot eenkamerwoningen verbouwd pakhuis, werkplaats of stal was gelegen. De mensen leefden er zeer dicht op elkaar in de soms wel 10 tot 12 woninkjes per slop. Uit: Woud van der, Auke (2010), Koninkrijk vol sloppen. Ook wel een voetgangerssteegje of stoepgangetje tussen woningen genoemd.
Als we Krimp en Slop samentrekken krijgen het Krimperslop. Op het Krimp waren er een eerste en een tweede Krimperslop.
Vier Arbeiderswoningen gered
Aan de Westzijde staan vier houten arbeidershuisjes onder één kap.
Woningcorporatie Parteon en Stadsherstel Amsterdam zijn tot overeenstemming gekomen om de woningen aan Stadsherstel te verkopen. Niet alleen blijft dit erfgoed hierdoor behouden voor de toekomst en krijgen de rij woningen hun oorspronkelijk aangezicht terug, ook zijn ze aangewezen als gemeentelijk monument. Foto: gemeentearchief, 1950. Verder lezen
De Verblifa 2
van de redactie
Een nautische vraag dit keer. Michael van Neijenhoff is sinds kort eigenaar van het binnenvaartschip “Verblifa 2”. Het schip is van 1922. In 1950 werd het gekocht door de blikfabriek Verblifa uit Krommenie en herdoopt in ‘Verblifa 2’ en heeft daarna dienst gedaan op de route Krommenie – Velsen voor het vervoer van rollen staal.
Michael heeft twee vragen:
- zijn er lezers die zich het schip kunnen herinneren en er over kunnen vertellen en
- zijn er nog foto’s van het schip bekend?
Hier zijn enige foto’s van het schip.



Mocht u meer weten of foto’s hebben van het schip neem dat contact op met Michael van Neijenhoff via: mvanneijenhoff@hotmail.com
Noodorganisatie Zaandam
door Ruud Meijns
September 1944 beginnen de Duitsers voedsel uit Nederland weg te halen en te transporteren naar die Heimat. De bevrijding was nog maar net begonnen, het grootste deel van Nederland was nog bezet. Door het weghalen van voedsel ontstaan in Nederland en dus ook in de Zaanstreek voedseltekorten. In het westen van het land dreigt zelfs hongersnood.
In Zaandam wordt door de NSB-burgemeester Vitters in december een nood-organisatie in het leven geroepen. Deze organisatie probeert een antwoord op de nood te geven. Het bedrijfsleven werkt zoveel mogelijk mee door producten te leveren. Ook schoolbesturen proberen waar zij kunnen voor de kinderen iets van vermaak te organiseren.
De illegaliteit zag kans door een samenbundeling van de verschillende groepen de nood voor een groot deel te leningen.
‘vanaf het allereerste begin lopen binnen de Noodorganisatie de boven- en ondergrondse activiteiten door elkaar. De Binnenlandse Strijdkrachten kraken levensmiddelen bij Duitse instanties en zwarthandelaren. 
Fabrieken van levensmiddelen leveren goederen aan illegale vrachtrijders die voorzien zijn van legale ambtelijke opdrachten met handtekeningen van Vitters en de Ortskommandant van Purmerend onder wie nu ook de Zaanstreek ressorteert. Via de Centrale Keuken zorgt de organisatie voor een eerlijke verdeling van de schaarse goederen, waarbij het vanwege de BS gevormde Vrouwen Hulp Comité een zeer voorname rol speelt.’[1]
Foto: De Centrale Keuken Verder lezen